ZORGVISITE

Goed voorbeeld van zorgdocenten doet zorgstudenten volgen

Al zeven jaar gaan de dames THe onaangekondigd op zorgvisite bij verpleeghuizen en woonzorgcentra. Ze beoordelen de huizen op het ‘thuis voelen’ en kijken ernaar met de blik van: hoe zouden wij dit verpleeghuis voor onze eigen vader of moeder vinden? Op basis van hun ervaringen schrijven ze blogs die verschijnen op de website van Waardigheid en trots. Hieronder de meest recente blog.

Met vijf docenten/stagebegeleiders van ROC ’s Zorg en Welzijn zijn we op zorgvisite gegaan bij twaalf locaties. We zijn op zoek gegaan naar het thuisgevoel op basis van de THe-ma’s: buitenlucht en naar buiten gaan; vrijheid en vrijheidsgevoel; lekker eten en drinken; uitnodigend wat betreft recreëren, ontspanning, hobby’s; balans in publiek-privé en rust en reuring; informatie, communicatie en bejegening. Wij kijken naar de gewone dingen van het leven. Die blijven gelden, wellicht in andere vorm en mate vanwege de fysieke en mentale gesteldheid, ook als je noodgedwongen moet verhuizen naar een verpleeghuis.

Thuis voelen
Het idee achter het als ‘schoonzus’ meegaan van de zorgdocenten was via hun eigen ervaring het concept Thuis Voelen te introduceren en het gesprek aan te gaan of en in welke mate er voor thuis voelen aandacht is tijdens de opleiding. Te bezien of en hoe de dimensie van het welbevinden een plek in de zorgopleidingen moet krijgen. En hoe de studenten te equiperen daar zelf visie en initiatief op te kunnen laten nemen als ze in de verpleeghuizen komen te werken. Hoe je deze manier van anders kijken een plek kunt geven in het nu toch wel behoorlijk op zorg en technisch handelen en de daarbij horende zorgvuldigheid en het voorkomen van risico’s zorgonderwijs. We lieten de dames vooraf het hele zorgvisiteproces doen: van het vooraf kiezen van verpleeghuizen om naar toe te gaan en het je inleven in het verhaal van de oom of tante waarvoor we gefingeerd op zoek zijn naar een fijne nieuwe woonplek. Tot en met het opschrijven van de observaties en het maken van het ‘zorgvisite’-verhaal.

Rondetafelgesprek
En wat gaan de zorgdocenten er nu mee doen? Leyden Academy organiseerde daarvoor een rondetafelgesprek. We kregen terug dat de docenten vooral inzicht, handvatten en motivatie hebben gekregen over hoe je de studenten kunt leren het belang van huiselijkheid en een prettige dag in te zien. Zij hebben behoefte aan concreet onderwijs- en praktijkmateriaal om studenten te leren dat naast de technische handelingen hun rol in het creëren van huiselijkheid en het thuis voelen minstens gelijkwaardig is. De docenten hebben namelijk de ervaring dat de nieuwe MBO-studenten ongelooflijk onbevangen en vanuit het mooie en ideële van het zorgen en veraangenamen van de oude dag beginnen aan de opleiding. Helaas blijkt al gauw het institutionele denken en het beeld van ‘mijn werk is wassen, plassen en prikken’ door zowel de onderwijs- als praktijkervaringen toch de boventoon te gaan voeren. Het ouderwetse patroon van werken en denken krijgt zo vrij snel de overhand.

Onderwijs on the job
De docenten gaven aan zelf zorgvisites met studenten in het kader van de opleiding te willen doen: ‘onderwijs on the job’. Maar zij vinden ook dat veel meer zorgdocenten een zorgvisite moeten beleven. Wellicht is meegaan met zorgvisite op te nemen in de permanente educatie, want de docenten komen veel te weinig buiten het schoolgebouw. Verder zouden ze graag zien dat wij op de scholen gastlessen gaan geven en dat we studenten meenemen op zorgvisite. Geconstateerd werd ook dat in het kwalificatiedossier de ‘zachte, de welbevinden’ kant wel zit, maar dat dit nog geen leer- of praktijktool kent. Hoe mooi zou het zijn als vanuit de ervaringen en tips van zorgvisite de aanzet tot zo’n leertool kan worden gegeven? Een thuis voelen-agenda voor het onderwijs. Het zou ieder ouderenzorgpact dan ook sieren als zij ruimte creëren voor deze praktische aanbevelingen.

Dames THe, Tineke van den Klinkenberg en Hetti Willemse

Zorgvisite wordt mede mogelijk gemaakt door het Levensles-programma van Leyden Academy en het Jo Visser fonds.
2018-01-24T10:56:32+00:00 24 januari 2018|